7. spreekt met betrekking tot het interne veiligheidsbeleid zijn ernstige verontrusting uit omtrent de gebrekkige implementatie van het in oktober 2001 aangenomen terrorismebestrijdingsplan door de lidstaten, zoals blijkt uit de meest recente conclusies van de Europese Raad op dit gebied; is voorts van mening dat de Raad en de Commissie zich niet proactief genoeg beijveren voor de reorganisatie van de in de strijd tegen de internationale criminaliteit en het internationale terrorisme door de EU te volgen strategie en procedures en van de instanties en instrumenten die zij daarbij inzet;
7. en ce qui concerne la politique de sécurité intérieure, se déclare profondément préoccupée par la mise en œuvre inadéquate par les États membres du plan antiterroriste adopté en octobre 2001, comme le relèvent les conclusions du dernier Conseil européen; estime, de surcroît, que le Conseil et la Commission ne prennent pas assez les devants en matière de réorganisation de la stratégie, des procédures, des agences et des instruments de l'UE afin de se mobiliser contre le crime et le terrorisme internationaux;