Het loutere gegeven dat de verzamelaars en de verantwoordelijken van musea niet de intentie hebben gebruik te maken van de wapens in hun verzameling, vormt geen relevant criterium om hen vrij te stellen van het medisch attest vereist in artikel 11, § 3, 6°, vermits de wetgever rekening heeft gehouden met het mogelijke gevaar van het voorhanden hebben van een wapen, los van de intentie van de persoon die het voorhanden heeft om daarvan al dan niet gebruik te maken.
La simple circonstance que les collectionneurs et les responsables de musées n'ont pas l'intention de faire usage des armes collectionnées ne constitue pas un critère pertinent pour les dispenser de l'attestation médicale exigée par l'article 11, § 3, 6°, puisque le législateur a pris en compte le danger potentiel que représente la détention d'une arme, indépendamment de l'intention de son détenteur de l'utiliser ou non.