de partijen gegronde redenen hebben om aan te nemen dat de vaartuigen op een andere wijze betrokken zijn bij IOO-visserij of aan de visserij verwante activiteiten ter ondersteuning van dergelijke visserij, onder meer door steun te verlenen aan een in artikel 9, lid 4, bedoeld vaartuig, tenzij de vaartuigen kunnen aantonen dat:
la partie a des motifs raisonnables de penser que le navire s’est livré, de quelque autre manière, à la pêche INDNR ou à des activités liées à la pêche en soutien à la pêche INDNR, y compris en soutien d’un navire visé au paragraphe 4 de l’article 9, à moins que le navire ne puisse établir: