Ik heb de eer het geacht lid te verwijzen naar mijn antwoord op de interpellaties van de volks- vertegenwoordigers Olivier en Peeters inzake de maal- tijdcheques (Kamer van Volksvertegenwoordigers, Beknopt verslag, openbare commissievergaderingen van 5 februari 1991, blz. 795), waarin ik onder meer heb verklaard dat de regering heeft beslist een dubbel parallellisme in te voeren, enerzijds privé-publiek, en anderzijds, sociaal-fiscaal, gebaseerd op het in acht nemen van de voorwaarden waarin de sociale regle- mentering voorziet, wa
t het risico dat de maaltijd- cheques a ...[+++]ls een verdoken bezoldiging worden be- schouwd zou wegnemen.
J'ai l'honneur de renvoyer l'honorable membre à ma réponse aux interpellations de MM. Olivier et Peeters concernant les chèques-repas (Chambre des Représentants, Compte rendu analyti- que, réunions publiques des commissions du 5 février 1991, page 789), où j'ai déclaré entre autres que le gouvernement a décidé d'instaurer un double parallé- lisme, privé-public, d'une part, social et fiscal, d'autre part, basé sur le respect des conditions prévues par la réglementation sociale, ce qui éviterait le risque de voir les chèques-repas traités comme une rémunéra- tion occulte.