De wet van 24 maart 1998 tot verbetering van de strafrechtspleging in het stadium van het opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek (« wet-Franchimont ») heeft een uitzondering voorzien op het strikte beginsel van het geheim van het onderzoek, door aan de burgerlijke partij en de verdachte die niet aangehouden is, in het kader van een gerechtelijk onderzoek, het recht toe te kennen om een verzoek in te dienen bij de onderzoeksrechter teneinde de inzage van het strafdossier te bekomen.
La loi du 24 mars 1998 relative à l'amélioration de la procédure pénale au stade de l'information et de l'instruction (« loi Franchimont ») a prévu une exception au principe strict du secret de l'instruction en conférant à la partie civile et à l'inculpé qui n'est pas arrêté dans le cadre d'une instruction judiciaire, le droit d'introduire une demande auprès du juge d'instruction afin d'obtenir communication du dossier répressif.