Volgens de informatie waarover ik beschik, gaan de diensten van uw departement (algemene directie Human Resources, divisie Personeel, sectie Administratieve Expertise, subsectie Norariaat) ervan uit dat de “kaart om vaderlandslievende redenen” slechts wordt toegekend aan de oudstrijders van de Oorlog 1940-1945 en van de veldtocht in Korea die houders zijn van het statuut van nationale erkentelijkheid of aan hun rechthebbenden.
Selon les informations en ma possession, les services de votre ministère (direction générale Human Resources, division Personnel, section Expertise administrative, sous-section Notariat) considèrent que la «carte pour raison patriotique» n'est attribuée qu'aux anciens combattants de la Guerre 40-45 et de la Campagne de Corée titulaires d'un statut de reconnaissance nationale ou à leurs ayants droit.