1° In § 1 wordt het volgende lid ingevoegd tussen het eerste en het tweede lid : « De hulpagenten van politie daarentegen mogen tijdens de dienst, en volgens de richtlijnen van de korpschef, de bewapening dragen die hun toevertrouwd wordt in toepassing van artikel 1, laatste lid».
1° Au § 1, l'alinéa suivant est inséré entre les alinéas 1 et 2 : « Les agents auxiliaires de police, quant à eux, peuvent porter pendant le service et ce, suivant les directives du chef de corps, l'armement qui leur est confié en application de l'article 1, dernier alinéa».