3. Onverminderd het bepaalde in artikel 2, lid 2, mogen de lidstaten uit hoofde van deze richtlijn binnen de Gemeenschap geen minder gunstige belastingvrijstellingen verlenen dan voor de invoer van persoonlijke goederen door particulieren uit een derde land.
3. Sans préjudice de l’article 2, paragraphe 2, les États membres ne peuvent appliquer, en vertu de la présente directive, des exonérations fiscales à l’intérieur de la Communauté moins favorables que celles qu’ils accorderaient pour les importations de biens personnels par des particuliers en provenance d’un pays tiers.