Een bron van problemen bij de toepassing van het Verdrag is de strikte of minder strikte interpretatie van de redenen die de rechterlijke instanties van de aangezochte staten opgeven als zij een terugkeer weigeren, zeker wanneer deze redenen rechtstreeks verband houden met de bescherming van het kind (bij een terugkeer zou het kind een groot psychisch of fysiek gevaar lopen of zou het in een ontoelaatbare situatie terecht komen).
Ainsi, il apparaît que la principale source des difficultés rencontrées dans l'application de la Convention provient de l'interprétation plus ou moins stricte donnée aux causes de refus par les autorités compétentes des États requis, spécialement, lorsque ces motifs de refus ont trait directement à la protection de l'enfant (appréciation du risque grave de danger physique ou psychique ou de situation intolérable en cas de retour).