Nog steeds volgens die Commentaar wordt een persoon over het algemeen geacht werkzaam te zijn « in de hoedanigheid van een vertrouwenspersoon » wanneer die persoon transacties doet of fondsen of goederen beheert, niet in zijn eigen naam of voor zijn eigen rekening, maar voor rekening van een andere persoon, waarmee hij een band heeft die aan de ene kant vertrouwen impliceert en noodzaakt en aan de andere kant goede trouw.
Toujours selon ce commentaire, on considère généralement qu'une personne agit « en qualité de fiduciaire » lorsque cette personne effectue des transactions ou gère des fonds ou des biens non pas en son nom propre ou pour son propre compte mais pour le compte d'une autre personne avec laquelle elle se trouve dans une relation qui implique et nécessite de la confiance d'une part et de la bonne foi de l'autre.