Het cohesiebeleid moet niet alleen de armste regio’s met een bijzondere ligging (buiten de periferie, eilanden, bergstreken, onderbevolkte regio’s) bereiken, en de regionale samenwerking in zijn grensoverschrijdende, transnationale en interregionale dimensie versterken, maar ook de stedelijke centra beter afstemmen op de plattelandsgebieden en de perifere gebieden.
Cohesion policy must not only reach the poorest regions in specific locations (such as very remote, island, mountain or underpopulated regions) and enhance regional cooperation in its cross-border, transnational and inter-regional dimensions, but must also improve coordination between urban centres and rural and remote areas; towns of all sizes must be considered as essential factors in the growth of wider areas.