Overwegende uiteindelijk dat de CRAT acht dat : "het project [...] een goed evenwicht kan behouden tussen de ontginning en de plaatselijke landbouw met vrijwaring van zeer kwaliteitsvolle landbouwgronden"; dat DGO3, zelfs als vastgesteld wordt dat "een groot deel van de uitbreiding van de steengroeve betrekking heeft op gronden met veel landbouwwaarde en dit terwijl ze plaatselijk niet zo talrijk zijn, erkent dat er niettemin vele maatregelen zijn voorzien voor de begunstiging van de daadwerkelijke compensatie in het hoofdstuk landbouw en het hoofdstuk natuurlijk milieu (faune en flora)";
Considérant en définitive que la CRAT estime que : « le projet [...] permet de préserver un juste équilibre entre l'activité extractive et l'activité agricole locale en préservant les sols de grande qualité agronomique »; que la DGO3, même si elle constate que « [...] une grande partie de l'extension de la carrière concerne des sols agricoles de grande qualité agronomique alors qu'ils sont localement peu abondants », reconnait que « de multiples mesures sont néanmoins prévues pour favoriser la compensation effective pour le volet agricole et le volet milieu naturel (faune et flore) »;