Art. 33. De doelgroepwerknemer legt bij de start van zijn tewerkstelling en op verzoek van de organisator of van Kind en Gezin tijdens zijn tewerkstelling een uittreksel uit het strafregister, model 2, voor, of een gelijkwaardig attest, uitgereikt door de bevoegde buitenlandse instantie, voor wie niet in België gedomicilieerd is, waaruit blijkt dat de persoon van onberispelijk gedrag is om met kinderen om te gaan.
Art. 33. Au début de son emploi et sur demande de l'organisateur ou de « Kind en Gezin », le travailleur de groupes cibles présente pendant son emploi un extrait de casier judiciaire, modèle 2, ou une attestation équivalente, délivrée par l'instance étrangère compétente, pour les personnes qui ne sont pas domiciliées en Belgique, dont il ressort que le comportement de la personne est irréprochable pour pouvoir s'occuper d'enfants.